U bevind zich nu op pagina "Recepten"
100 gr wit brood
1 polderaardappeI
1 ui, fijn gehakt
olijfolie
enkele blaadjes groene kruiden
200 gr jonge spinazie 1 eigeel
4 trostomaten
1 teentje look
nootmuskaat
peper en zout Snij de pollakfilet in dunne plakken en maak de spinazie schoon. Hak de restjes van de vis fijn en vermeng ze met door een zeef gewreven wit brood en het eigeel. Spijs de visfarce met peper, zout en nootmuskaat. Leg een vel plastiekfolie op de werktafel, plaats er een laag pollak op, daarop een laagje visfarce en daarop een laagje rauwe spinazie. Herhaal dit nogmaals. Rol alles stevig op tot een vaste worst en bind de uiteinden vast. Gaar de visworst 20 minuten in een stoomketeltje of plaats hem 20 minuten in de oven op 200°c in een afgedekt ovenschaaltje met wat water. Snij de aardappel met een mandoline (rasp) in flinterdunne plakjes en frituur tot chips. Voor de tomatencoulis: pel de trostomaten, snijd ze in 4 en verwijder de zaadjes. Bak het teentje look en de fijngehakte ui glazig en voeg de tomaten toe. Spijs met peper en zout, laat even sudderen, mix en zeef. Nappeer wat coulis op een bord. Verwijder de folie van de visworst en snijd hem in acht stammetjes. Plaats twee stammetje midden de tomatencoulis en garneer met de aardappelchips en een kruidenblaadje. Smakelijk