U bevind zich nu op pagina "Gedichten"

Bijziend
De wereld waar ik door loop met lens of bril bestaat alleen uit vlekken en uit vegen.
De vlekken staan voor het grootste gedeelte stil, terwijl de vegen allemaal bewegen.
Mijn vrienden zeggen 'doe toch niet zo dwaas, zet toch een bril op, al dat malle turen'.
Maar ze beseffen niet hoe juist dat waas mij helpen kan het leven te verduren.
Ik zie de rozen wel, maar niet de luis.
Ik zie wel de balk, maar niet de splinter en ik zie nooit de rommel in uw huis.
En ik zie alles hier en nooit iets ginder.
Wel zit ik altijd in lijn 17 terwijl het 2 moet zijn.
En wel val ik voorover de trap af, omdat ik niet kan zien waar ze begint.
Maar daarentegen zie ik af en toe een kangaroe met een bruin jonkie op het Leidseplein.
Erg lief is dat, al geef ik later toe dat het geen kangaroe geweest kan zijn.
Zo staat het dus en ik ga koppig door en zeg 'hallo Mies' tegen een pastoor.
Dank aan Anneke